Werkloosheid
In 2025 was in Veendam 3,8% van de beroepsbevolking werkloos, meer dan een halvering ten opzichte van 2015, maar sinds 2022 loopt het weer iets op.
Met een arbeidsparticipatie van 70% zit Veendam in de Groningse middenmoot.
Home / Kerngegevens / Kerngegevens gemeenten / Veendam / Arbeidsmarkt / Werkloosheid
In 2025 was de werkloosheid in de gemeente Veendam 3,8% (bron: CBS), -0,5%-punt ten opzichte van het provinciale gemiddelde en +0,1%-punt vergeleken met het landelijk gemiddelde. Binnen de provincie Groningen zit Veendam in de middenmoot.
Tot 2019 liep het werkloosheidspercentage in Veendam vrijwel gelijk op met het provinciale gemiddelde. In 2008 was het werkloosheidspercentage in Veendam 4,4% en liep daarna op tot 8,4% in 2015, bijna gelijk aan het provinciale gemiddelde. Op het hoogtepunt in 2015 werd de werkloosheid alleen door de Stad en de gemeente Delfzijl overtroffen. In 2019 daalde de werkloosheid tot onder het niveau van 2008 met een percentage van 4,1%. In 2022 was het met 3,4% zelf 1%-punt lager. Net als in het gemiddelde is de werkloosheid in Veendam de laatste 3 jaar weer iets gestegen (+0,3%-punt), iets meer dan bij de meeste Groninger gemeenten. Sinds 2020 is de werkloosheid in Veendam vrijwel gelijk aan het landelijk gemiddelde en ongeveer een -0,5%-punt onder het provinciale gemiddelde.
Vóór de financiële crisis van 2008 lag het werkloosheidspercentage onder mannen vaak ca. 2%-punt lager dan het percentage onder vrouwen. Tijdens die crisis, tot rond 2014, lag het werkloosheidspercentage onder mannen en vrouwen op hetzelfde niveau. In de herstel periode daarna daalde de werkloosheid onder mannen aanvankelijk sneller dan onder vrouwen, maar in 2019 waren beide weer bijna gelijk en dat is nu nog steeds zo.
Tot de coronacrisis lag de werkloosheid in Veendam in de leeftijdscategorie van 15-25 jaar vaak +1% tot +2% hoger dan het landelijke gemiddelde. Tijdends de coronacrisis daalde de jeugdwerkloosheid in Veendam zelfs onder het landelijk gemiddelde en ook dat is nog steeds zo.
Bij de leeftijd van 25 - 45 jaar is de werkloosheid pas in 2022 weer op het niveau van 2008 uitgekomen, en is daarna weer iets gaan stijgen. Ook hier is de werkloosheid dichter bij het landelijk gemiddelde uitgekomen.
Bij de 45+-ers is de werkloosheid sinds 2015 voortduren gedaald, tot 2025 toen het weer een beetje is gestegen. Sinds de coronacrisis ligt de werkloosheid onder het niveau van 2008. In 2024 was de werkloosheid in deze leeftijdscategorie nog maar de helft van het niveau van vóór de financiële crisis in 2008.
Als je kijkt naar het werkloosheidspercentage per opleidingsniveau dan vallen de verschillen met het landelijk gemiddelde grotendeels weg. Dat is het sterkst bij de laag opgeleiden. In 2022 daalde bij hen de werkloosheid zelfs naar -1,3%-punt onder het landelijk gemiddelde. De laatste jaren is dat verschil wel iets kleiner geworden.
Bij de middelbaar opgeleiden ligt het werkloosheidspercentage sinds 2019 steeds onder het landelijk gemiddelde, in 2023 zelfs -0,6%-punt. In 2025 is dat nog steeds -0,3%-punt.
De netto arbeidsparticipatie in Veendam is 70%. Daarmee ligt dit ruim -1%-punt onder het provinciale en -3%-punt onder het landelijk gemiddelde. Die verschillen zijn de afgelopen 15 jaar ongeveer gehalveerd, maar lopen nu weer wat op.
Onder jongeren onder de 25 jaar is de arbeidsparticipatie fors gestegen. Zowel absoluut (van 55% in 2005 naar meer dan 75% nu) als relatief (van -5%-punt onder het landelijk gemiddelde naar net erboven).
De arbeidsparticipatie onder mannen lag steeds iets boven het provinciale gemiddelde, maar in 2025 net eronder. Dat onder vrouwen ligt ruim onder het provinciale gemiddelde. Het verschil tussen mannen en vrouwen is sinds 2003 gehalveerd. De arbeidsparticipatie onder mannen is lang ongeveer gelijk gebleven, maar de arbeidsparticipatie onder vrouwen is toegenomen. De laatste 2 jaar is de arbeidsparticipatie onder zowel mannen als vrouwen weer iets afgenomen.
Opgedeeld naar onderwijsniveau valt op dat de arbeidsparticipatie het laagst is onder mensen met lager onderwijs, net als elders, maar dat het percentage in de loop van de tijd steeds dichter bij het landelijk gemiddelde kwam te liggen. In 2024 en 2025 is die echter weer gedaald, terwijl die landelijk vrijwel gelijk is gebleven.
Bron: CBS sept 20225: Arbeidsdeelname; regionale indeling 2024, bewerkt door provincie Groningen